Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Indigofera Arrecta (Natal) 0.90

Polygonum Tinctorum (Japan, China) 0.40

Isatis Tinctoria (in Indië geteelde planten) 0.1043)

De weedecultuur kon dan ook geen stand houden en ge raakte geheel in verval. Hier volgt een kort relaas van den intocht van de indigo in Europa.

Reeds ten tijde van Dioscorides en Plinius44) kwam deze verfstof naar Europa maar werd uitsluitend als schildersverf gebruikt 45).

De groote volksverhuizing veroorzaakte een interval van enkele eeuwen. De kruistochten brachten weer opnieuw contact tusschen het Oosten en het Westen. Z,oo ontmoeten wij de indigo in 1140 in het tarief der stadswaag van Genua en in 1194 in hetzelfde tarief van Bologna46). In 1288 komt hij voor in het douanetarief van Marseille 47) en in 1274 in Engeland als post in een rekening. Tegen het einde der 14e eeuw kwam de indigo naar Brugge en Londen 47). In het tarief der stad Como wordt de indigo in 1381 48) aangehaald als uitvoerartikel over de Alpen. De ververs van Breslau zouden tegen het einde der 15e eeuw met indigo geverfd hebben 49). Tot hiertoe werd de verfstof aangevoerd via Bagdad over den landweg en was dus duur. Ook waren dientengevolge uit hoofde van de transportmoeilijkheden de ingevoerde hoeveelheden gering. Zoo kostte een centenaar indigo te Venetië in 1209 de som van 32 dukaten 50). De ontdekking van den zeeweg naar Indië maakte den aanvoer van groote kwantiteiten mogelijk, terwijl de ontdekking van Amerika de ververij met Sumac, blauwhout en roodhout voorzag. Het is op dit tijdstip dat het verval der cultuur van de Isatis een begin maakt. In 1516 vermeldt de Portugees Odoardo Borboso de indigo

43) B. Neumann — Lehrbuch der Chemischen Technologie und Metallurgie — Leipzig (1923) — pag. 940.

44) Georg. v. Geogievics l.c. — pag. 1 — Der Indigo vom praktischen und theoretischen Standpunkt —- (1892).

45) Kopp — Geschichte der Chemie — IV — pag. 401 (1844).

46) Schutte — Geschichte des mittelalterlichen Handels und Verkehrs zwischen West Deutschland und Italiën mit Ausschlusz von Venedig —> I — pag. 142—143. W. Heyd — Histoire du Commerce du Levant au Moyen age — Leipzig (1923) — pag. 599.

47) F. Lauterbach l.c. — pag. 64.

48) Schulte — l.c. pag. 707.

4e) Hildebrand — Jahrbücher für N. und Statistik — Heft IV — pag. 210.

50) Stieda — Hanseatisch Venetianer Handel — pag. 98.

Sluiten