Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

liefde voor rondende vormen). Die kenschetsing lijkt mij juist. Ook Dudok schildert sprookjespaleizen met bouwmaterialen, ook Dudok is gedoemd zijn mogelijkheden volkomen uit te buiten. Zijn beteekenis voor de toekomst zal een geringe blijken.

In Den Haag kwam Jan Wils naar voren, die via zeer sterke invloeden van den grooten Amerikaanschen architect Frank Lloyd Wright ten slotte zeer dicht bij Dudok kwam te staan.

In Rotterdam werd Oud een der toonaangevende figuren. Voortgekomen uit 't gevolg van Theo van Doesburgh, Mondriaan en Wright was zijn bouwkunst een bewust verzet tegen de Amsterdamsche school. Tegenover de sprookjes stelde hij al de realiteiten van onzen tijd, bovenal een zeer economische discipline. Hij omschrijft zijn streven als een gezuiverd Berlagianisme. Berlage ging hem echter nog niet ver genoeg. Oud werd beroemder in 't buitenland dan in Nederland. Zijn latere werken zijn milder geworden. In de rondingen in het complex te Hoek van Holland leven zelfs verre herinneringen aan de rythmen van De Klerk. De grootste verdiensten van Oud schijnen mij te liggen in zijn theoretische uiteenzettingen, verfijnd zuur, maar vaak den spijker op den kop slaand.

Een „jongere", die zich inspireert op Berlage's beurs, is Kropholler. In al zijn werk vinden wij den diepen indruk terug, die Berlage's hoofdwerk op hem heeft gemaakt. Daarnaast vertoont zijn werk, vooral voor zoover het zich bezig houdt met gebouwen voor den Roomsch-Katholieken eeredienst, een zeer groote kennis van de baksteengothiek der oude dorpskerk. De kerken van Kropholler zijn vaak van een bijna Protestantschen eenvoud, vooral in 't interieur. Naar buiten schaadt hij, door een te ver doorgedreven verlangen voor alles „waar" te willen zijn, wel eens den grooten gang zijner gebouwen door te veel aanbouwsels. Wat dit betreft, zou hij Goethe's raad moeten toepassen: Zeg niet meer waarheid dan noodig is gezegd te worden. Deze raad zou ook kunnen passen voor de groep der nieuwe zakelijkheid.

Het nieuwe is voor de nieuw-zakelijken alles „wat anders is". De oude bouwkunst met haar materialen heeft voor haar afgedaan. Baksteen, houten ramen, pannendaken, beschouwt de nieuwe zakelijkheid als totaal overwonnen.

Een nieuw-zakelijk gebouw is 'n hymne op de techniek of wat de nieuwe zakelijkheid daarvoor aanziet. Zij zoekt het boven-emotioneele, het heerlijk-kille. Beton, staal, spiegelglas,

Sluiten