Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

feitenmateriaal verkeert, wordt door de geschiedenis van meer dan één harer leerstukken ook nog op andere wijze in het licht gesteld.

Dat Malthus schrijft en opgang maakt in het Engeland van omstreeks 1800, maar in den loop der negentiende eeuw meer tegenkanting dan instemming ontmoet, kan langs dezen weg worden begrijpelijk gemaakt. In Engeland omstreeks 1800 een opkomend fabriekswezen met voor dien tijd moderne techniek ; een mechanisatie derhalve van het productieproces, die menschelijke arbeidskracht uitstoot, werkloosheid schept, loonen drukt, het menschdom dreigt te doen botsen tegen de grenzen van zijn bestaansmogelijkheid ; en tegelijkertijd de natuurlijke tegenkracht (het beleggen van uit de mechanisatie gewonnen winst in een vorm, die nieuwe arbeidsgelegenheid schept) verlamd door hooge belastingen, vrucht uit de napoleontische oorlogen. Dan komt de negentiende eeuw, tijdperk van betrekkelijken vrede, met haar vindingen van landbouwchemischen aard, met haar verbeterd transport over verre afstanden ; de bevolking, van leeftocht thans beter voorzien, haalt ruimer adem en zet zich ruimer uit. Thans, na den wereldoorlog, andermaal sterke mechanisatie van het productie-proces, uitstooting van menschelijke arbeidskracht, drukkende belastingen ; er is weer plaats voor een Malthus.

Diezelfde napoleontische oorlogen brachten aan Engeland, behalve ellende onder het fabrieksproletariaat, ook geldbederf; zij bevruchtten dientengevolge het geld-theoretisch denken ; Ricardo komt met een nieuwe theorie der wisselkoersen, ziet deze door de koopkrachtsverhouding tusschen het eigene en het uitheemsche geld bepaald. Deze theorie slaapt in in diezelfde rustige negentiende eeuw, die haar minder schokkende feiten met een minder diep gaande leer der wisselkoersen, de betalingsbalanstheorie, vrij behoorlijk verklaren kan. Dan komt de wereldoorlog, komt een geldbederf als nog nimmer vertoond, en de theorie van Ricardo herleeft.

De feiten zien wij telkenmale hier de theorie beïnvloeden, veel minder de theorie de feiten. De theorie deed wat haar hand vond te doen : zoodra de gebeurtenissen nieuwe feiten haar op den drempel legden, greep zij deze ter verklaring aan. In dezen zin maakte zij zich van de feiten meester. Maar had zij ze vermeesteid

Sluiten