Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En als het er op aankomt zijn ze stommer dan een boer.

Hun hoofd is holler dan een ton.

Hun buik is net een vat.

Al zijn hun hersens uitgedroogd, hun levertje is nat.

Ze leven lui en slapen vaak en hebben toch nooit rust,

want allen zijn ze steentjes van de verticale trust.

Doch nauwelijks waren de laatste tonen der sombere begeleiding uitgestorven, of er klonk een noodlottige slag. Zóó noodlottig was die slag, dat Bernard Trentelaer er klaar wakker van werd. De Rocky Mountains en de Groote Meren waren van zijn knieën gegleden. En hij moest diep zuchten, want zóó schoon vond hij het leven niet, dan dat hij het plotse einde van een droom niet diep betreuren zou.

Nog dieper zuchtte hij, toen de deur open kraakte, het licht werd aangeknipt en in dat licht de schrale gestalte van tante Palmyra naar hem toe schreed.

Het gezellige vuur van den haard was nu nog

Sluiten