Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Pierre Zevenbergen, die nog steeds de eerste van zijn klas was, wilde den jarigen vriend van het nut overtuigen van de lectuur van heel oude, Fransche gedichten. Wim Kluizenaars mengde zich echter in het gesprek met de bedaarde vraag, of Pierre dat heel oude Fransch dan lezen kon en waarom hij zich reeds nu die moeite geven zou. Dat was goed voor later, als hij voor de een of andere acte Fransch studeeren ging. Doch Pierre zag hem met verwonderd hoog getrokken wenkbrauwen aan.

„Maar het maakt toch een goeden indruk," zei hij.

En zelfs het luide lachen van zijn kameraden en het verontwaardigde protest van Pierre Zevenbergen, die niet wilde, dat men zijn goede bedoelingen bespotte, konden Bernard Trentelaer junior niet uit zijn zoet gemijmer wakker maken.

Er was een lief meisje, dat vriendelijk tegen hem was. Toen ze hem thee inschonk, had ze hem gevraagd, hoe het op school ging en of hij dacht, dat haar broer het eind-examen halen zou. En zij had gelachen, toen hij haar iets grappigs over zijn vriend, Wim Kluizenaars verteld had en hoe schichtig de economie-leeraar hem voortaan bekeek.

Nu was het stil in den tuin. Heel uit de verte klonken de geluiden der booten op de rivier. De struiken ritselden even en Pierre Zevenbergen snoot voorzichtig zijn neus.

Sluiten