Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

En de homo economicus lachte nogmaals wijs en was van meening, dat de groene brilleglazen den adspirant-liftjongen ernstig bij het begeerde werk moesten hinderen, en benoemde Bernard toen tot bedienaar van de lift tegen een vergoeding van zeven gulden per maand plus fooien, wat erg vriendelijk van den homo economicus was. En Bernard redde zijn oogen van een wissen ondergang door zijn bril naar den wensch van den homo economicus voor goed te bergen in zijn huisje.

En zoo bediende hij de lift in de uniform, passend bij dit ambt en gesierd met een veelheid van koperen knoopen, vergaarde een minimum aan schamele fooien en leerde de menschen kennen, waardoor oom Trentelaer en hij rijk werden. Hij hielp bevende oudjes met scheeve kapothoedjes op ineen geschrompelde hoofdjes naar den hemel waar valsche haarvlechten voor vijftig cent te koop waren en bovenkaaksche gebitten voor een kwartje méér. En hij zweefde met bakvischjes naar het paradijs der zomersche toiletjes, boemelde met allerhand slag treuzelige koopers van verdieping naar verdieping en zag zooveel tevreden gezichten, als hij weer neerdaalde, dat hij inderdaad begon te meenen, tot het sterk dunnende ras der weldoeners te behooren.

Doch het personeel zag hij niet, dat langs trappen en door achterdeuren verdween.

Sluiten