Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ontwikkelde nijverheid bloeide. Natuurlijk! zonder handel en industrie geen steden. Het inruilen van het agrarische overschot tegen de producten van elders en van de plaatselijke nijverheid maakt eerst steden van beteekenis mogelijk en daarmee hoogere beschaving. De Romeinsche verovering bracht de industrie tot verdere ontwikkeling en voerde groote massa's Italiaansche koopwaar en noordelijke ruilartikelen over de handelswegen, waarvan het uiterste punt, gelijk wij zagen, Fectio was. Doch langs die wegen drong ook de Romeinsche kapitalist het land binnen. Veel geld stroomde uit alle deelen van het wereldrijk Italië binnen en hoopte zich op in kassen van een betrekkelijk klein aantal personen. Wat er mee te doen? Als arbeidskracht werden toen slaven gebruikt, onverschillige, hun lot en hun meester hatende kerels, zonder familie en zonder toekomst. Wat hun met de zweep gelast werd, deden ze, maar men vrage niet hoe. Zelfs het vee in de wei, waar anders de geringste daglooner nog hart voor heeft, werd door deze van goden en menschen verlaten wezens verwaarloosd en mishandeld. Wat ze met eenigermate breekbare werktuigen zouden doen, laat zich gissen. Een gezonde industrieele ontwikkeling was dus onmogelijk. Er bestond geen prikkel om de natuur te bestudeeren en uitvindingen te doen, waarvoor anders de Grieksche geest wel gezorgd zou hebben. Alleen de kunstindustrie kon bloeien, daar de hooge verkoopsprijzen van versierde en verzorgde artikelen het mogelijk maakten, ze door goed behandelde éliteslaven te laten vervaardigen. Aardewerk en metalen sieradiën waren dan ook zoowat de eenige marktartikelen.

In de industrie kon dus niet veel kapitaal belegd worden. Dat beperkte ook den handel. Bleef over : grondbezit. Wel was ook daar met slaven niet veel te beginnen, maar het verschafte in ieder geval aanzien. In de geheele oudheid gold niemand voor aanzienlijk, die niet groote landgoederen bezat. De dorpen, die

Sluiten