Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

toezicht, voldeed deze eerste legerschare van den Heiligen Stoel aan de hoogkerkelijke behoeften van Frankrijk en Italië, die reeds onder de Karolingers voor den dag waren getreden. De Duitsche keizerlijke kerk daarentegen voelde daar in een vreemd, inopportuun element. Twintig jaar later voorzag Lotharingen in de Duitsche behoefte. Gérard de Brogne (ten zuiden van Namen) trad er op als reformator der kloosters, — ook de Vlaamsche, op verzoek van graaf Arnulf I —, maar in samenwerking met en onderschikking aan de bisschoppen.

Menig welgedaan monnik, die aan zijn vischtuig meer dacht dan aan zijn brevier, voelde zich geërgerd en verontrust door die moderne " geestdrijverijen Maar het volk eerde weldra meer de mannen der reformatie dan die der laagbijdegrondsche gemoedelijkheid. En reeds beginnen zich onder de zoo frisch en gezond levende edelen, die alles konden krijgen, wat hun hart begeerde, de teekenen te vertoonen, dat de mensch bij brood alleen niet leven zal. Het waren niet enkel oude zondaars, die, beducht voor hun ziel, hun goederen aan de kerk schonken en hun dagen in een klooster besloten. Juist de edelste vertegenwoordigers van den adelstand zag men vaak zoo handelen. Bijvoorbeeld Ansfried, graaf van Hoey.

Na een leven van strijd tegen Lambert van Leuven, zooals zijn standgenooten dat plachten te leiden, en ook in des keizers dienst in Italië, schonk hij zijn graafschap aan het bisdom Luik, zijn overige goederen aan het klooster Thorn bij Roermond, dat zijn dochter tot abdis had. Zelfheeft hij, uit gehoorzaamheid aan zijn vorst, nog een tijd den Utrechtschen mijter gedragen, tot hij 1010 in een klooster bij Amersfoort den lang begeerden vrede vond.

De kerkklokken der Middeleeuwen begonnen te luiden.

Sluiten