Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

IX. Twee werelden

HET economisch centrum van Europa benoorden de Alpen had zich reeds in de elfde eeuw naar Vlaanderen verplaatst. Ik geloof dat daarvoor twee redenen zijn op te geven. Ten eerste de factoren, die ik in het vorige hoofdstuk besprak : het agrarisch overschot doet de vraag naar geïmporteerde artikelen voortdurend toenemen. Verreweg het belangrijkste daarvan was de geweven stof. De markt volgt de productie, niet de productie de markt. Vlaanderen met zijn industrie trok de kooplieden naar zich toe. De tweede factor is Engeland. Geen goed geromaniseerde provincie, en evenmin door een compacte eigen bevolking bewoond, was dit land langen tijd niet geweest wat het zijn kon, ook al door de Noormannenplaag. Naarmate het zijn natuurlijke plaats als groot land innam, moet het zwaartepunt van het economisch leven in zijn richting verschoven worden. Toen de Vlamingen eenmaal genoeg kapitaal aan ervaring hadden opgezameld om Brugge tot een handelsstad te maken, bleek de weg van Italië via die stad naar Engeland korter dan de Rijnlinie. Het hertogdom Bourgondië vertoont al vroeg een opmerkelijke geestelijke activiteit, die wel met het verloop van dien handelsweg zal samenhangen. Wij zagen 1071 in Vlaanderen de leiding aan de moderne elementen overgaan. Weldra keert zich het geheele gewest tot handel en industrie en verliest daarmede reeds in de twaalfde eeuw zijn feodaal karakter. De adel echter en de hooge geestelijkheid aanschouwt dat met ergernis en sluit zich aanstonds bij het feodaal gebleven Frankrijk aan.

Een nieuwe wereld is in onze streken in opkomst — trouwens ook in Italië — terwijl de oude nog in haar volle kracht staat. De nieuwe, fundamenteel verschillend in haar streven en

Sluiten