Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Nederlanders zijn te ongemanierd om zich door leegloopers te laten plukken. Toch is het niet deelen in een hoogeren levensstijl, die op geheel het overige Europa zijn stempel heeft nagelaten, wel een gemis voor ons geweest, een der redenen misschien, waarom wij eigenlijk overal een beetje vreemd woiden aangekeken. Ook later hebben wij geen hof gekend. Alleen burgerlijke kuituur is op onzen bodem opgeschoten en dan ook prachtig. De vergeestelijking echter heeft er moeten vluchten in de afgescheiden gemeente van het intellect.

Binnen de stadsmuren groeit een menschenslag op, dat vroegere eeuwen niet gekend hadden. De enge belangengemeenschap kweekt er een openbaren geest, die slechts het ernstig nadeel heeft al te locaal beperkt te zijn. Niettemin is de gedachte eener overheid, die in alle publieke belangen behoort in te grijpen en geen macht naast zich duldt, dus de staatsidee, uit de stad \ oor tgekomen. De stad is de kern van den staat.

Des graven schout en de door den graat uit de pooiteis benoemde schepenen, konden wel de gewichtige rechtspraak uitoefenen, doch waren toch minder geschikt om tegelijk andere belangen te behartigen. Daartoe riepen zij een aantal vroede mannen, dus aanzienlijke ingezetenen, nu en dan bijeen. W eldia werden dat vaste " raden ", en onderscheidde men een of meer hunner, die de dagelijksche zaken deden, als burgermeesters. Het lag in de natuur der dingen, dat zich daarnaast een aristokratie ontwikkelde. Eensdeels ging het gewoonlijk om geldzaken, waar niet de eerste de beste poorter verstand van had, en v\aai de gegoeden al zeer bijzonder bij betrokken waren. Anderdeels viel er te praten met grafelijke ambtenaren en op de bijeenkomst der stenden, waartoe een wereldkennis vereischt werd, die alleen menschen van zaken bezaten. Doch niet de geringste factoi was de sterke neiging der betrokkenen, de macht aan zich te houden.

Sluiten