Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

van Maerlant (*j*1300), de belichaming van het literair verlangen der toenmalige burgerij, is op zijn weg van den " ouderwetschen " ridderroman over de " moderne ", waarheid-gevende rijmkroniek en geversificeerde naturaliënkunde tot het heiligenleven ook daarlangs gekomen, en heeft ook daar de accenten zijner echte dichterlijkheid opgezet. (1) Zijn disputaties over de gebreken dezer wereld bezitten dat volle, die spanning, waardoor de rasdichter een wijde omgeving doet verbleeken. Doch zijn kritiek en die zijner navolgers blijft bij de persoonlijke tekortkoming staan, roept niemand te wapen, en bleef dus volmaakt ongevaarlijk. De poorter, die het met stichting las, was de man van den splinter in zijn buurmans oog, die er niet aan dacht den eigen balk te verwijderen. De schapen, die geschoren werden, hadden nog vooreerst geen literatuur.

De eenige werkelijk revolutionnaire beweging, gevaarlijker dan de begrijpelijke doch nuttelooze uitbarstingen, die wij in het vorige hoofdstuk bespraken, richtte zich tegen de kerk. Haar misbruiken werden door geen economische noodzakelijkheden gesteund; haar pretenties waren door hun geestelijk karakter aan geestelijke bestrijding onderhevig. Hoe naïef, hoe weinig leerstellig het godsdienstig leven toen was, blijkt het best uit den omvang der ketterij; in later eeuwen ware zoo iets nimmer geduld. In de commercieel sterk ontwikkelde landen,Vlaanderen, N. Frankrijk, het Rijnland, Engeland, wemelde het van sectarissen, die den rijkdom en de onmisbaarheid der kerkelijke autoriteiten verwierpen. De Broeders en Zusters van den Geest veroordeelden zelfs het huwelijk. Dat het bij voorkeur wevers waren, die alzoo hun eigen gedachten hadden over hetgeen algemeen als vaststaand beschouwd werd, mag ons niet verleiden, te

(1) Voor alle détails en voorbeelden moet ik verwijzen naar Bastiaanse en dergeijke werken.

Sluiten