Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Koop. Koop. Koop, heeft hij gezegd. Wat moest gekocht worden? Er staat iemand aan de railing van een jacht, wit zomerpak, kleurige das, gestreept overhemd, de handen gevouwen op de verschansing. Hij is blootshoofds, de wind waait om hem heen. Naast hem is een ander. Dat is Raskob. Raskob schertst. „Waarde president," zegt hij, en trommelt met de vingers op de houten verschansing, „Ik heb vandaag een post van honderd General Motors gekocht, en als ik Ulieden op het Columbusplein een tip geven mag: betracht het zelfvertrouwen van dien meneer op zijn zuil voor U, toen hij nog leefde, en koop voorloopig alleen stukken van Uw eigen onderneming."

Een wereldrijk is de General Motors, een rijk, waarin de zon nooit ondergaat, een wereldrijk voor den afzet van automobielen. Raskob heeft twee automobielen. Maar meestal gebruikt hij ze niet. Ook is verleden zomer een zoon van hem om het leven gekomen, dat was bij een automobielongeluk.

1929 (veroolfi). Door de spijlen van het nzeren hek kan de wandelaar tusschen de boomen door de lichten van het paleis zien. Hij weet, dat daarbinnen een man woont, die het volk zich verkozen heeft tot een symbool yoor jaren van welvaart, stijgende beurskoersen en toenemende productie. Hij is de derde van het drietal Harding-Coolidge-

Sluiten