Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gesprek met de duisternis, m de rookkanalen, in de ovens zelf, in de plompe blokken staal, tusschen de wentelende raderen en de zwiepende drijfriemen, een gemeenzaamheid die leeft midden in de fabrieken en daardoor toch niet wordt gestoord. In Detroit staat aan de West-Grand-Boulevard een groot gebouw. Er zijn geen zalen. Er zim alleen veel kamers, elk met een bad, en alle kamers zijn even groot, en gelijk van inrichting. Er zijn veel vrouwen, haar werk is het oefenen van toezicht over vier tot zes kamers, zij ontvangen daarvoor het *ordminimumloon. Hier is geen band zonder einde. Maar in elke kamer is een bed, enin elk bed Ugt een mensch. Hier liggen ook arbeiders van de Ford-fabrieken. S^migen mogen rechtop in bed zitten. Zij hebben een zwfrt zeiltje voor zich. Zij schroeve*^moertjes op kleine bouten, zoo verdienen zij toch hun loon. De vrouwen, die hen verzorgen behoeven niet veel te loopen. Evenmin als m de montagewerkplaats is het noodig, dat men de helft van zijï tijd gebruikt om gereedschap bijeen te halen en naar de machines te gaan. Deze fabriek noemt Ford zijn ziekenhuis, de vrouwen heeten verpleegsters, sommige mannen, die er rondloopen, worden met .docter" aangesproken. En buiten de stad Ugt altijd nog Dearborn, en ook de kleine boerderij daar in de: buur t, waar Ford vandaan is gekomen. De boerderij is weer ingericht als in zijn jeugd. Daar

Sluiten