Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

„De twee ideeën zijn zeer verwant, doch niet identiek. Men kan een uitstekend esperantist zijn, en niettemin tegenstander van het homaranisme".

Slechts hierom onderteekende Zamenhof het boekje niet, omdat hij verwarring wilde vermijden. Dit schijnbare gebrek aan moed deed hem veel leed. Om geheel vrij te worden, deed hij in 1912 openlijk afstand van elke officiëele rol in de Esperantobeweging, en van dien tijd af teekende hij de nieuwe uitgaven der brochure met zijn vollen naam.

In Oost-Europa zijn er twee hoofdelementen van ongelijkheid en haat tusschen de volksstammen: taal en godsdienst. Polen zijn Katholiek, Joden Israëlitisch; Letten zijn Luthersch, Russen Katholiek; Armeniërs zijn Christenen, Tartaren Mahomedaansch. Niet alleen het woord, maar ook de geloofsnaijver verergert de verschillen. In literatuur en kerk concentreeren zich de volksgevoelens. Daarom onderscheidt Zamenhof in zijn schema twee categorieën: eene op taal-politisch, de andere op godsdienstig gebied.

In zijn huiselijk leven spreke ieder naar eigen keus zijn ouderlijke taal, doch hij dringe deze niet op aan menschen van anderen volksstam, opdat hij niemand hindere of kwetse. Bij samenkomsten bezige hij een onzijdig uitdrukkingsmiddel, zooals Esperanto. In verkeer met zijn geloofsgenooten volge hij de religieuse zeden die hij door voorkeur of door traditie wenscht, doch tegenover andersdenkenden gedrage hij zich volgens het beginsel: „Handel jegens anderen zóó, als gij wenscht dat anderen jegens u handelen".

Zooals mondeling een internationale taal een onzijdige basis voor ongedwongen en broederlijk verkeer aanbiedt,

Sluiten