Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

slechts hatelijk of schamper of, wilt ge 't liever, satyrisch is geweest. Alsof een geest, die wegkrimpt onder 't lijden, zonder rechtvaardigheid of genade hem gedaan, de zelfbewuste koude kon bewaren, die een eerste vereischte is voor satyriek! Wanneer een soldaat op het slagveld terneer bgt, en schoon ten doode gewond, nog zijn Mauser weet te richten voor een doodeUjk schot, recht op den vijand af, die hem beeft getroffen met bedaarde, wijl ongewonde kracht, zult gij dan gaan smalen op het doeltreffend wapen, waarmede de bijna zieltogende schiet en zeggen: „Wat een nijdas, daar hij zóó fel vecht?" Of zult gij niet veeleer den stervens-moed bewonderen des strijders, die tot zijn laatste moment streng-sterk heeft volhard? — O, Hollandsche critici, heft u hoog, tot de hoogte van hen, die gij veroordeelt, riet hen in de bjdende, maar vastberaden trekken, en oordeelt, ja, vèroordeelt dén, als gij nog tenminste voor uw geweten, als eerlijke mannen, veroordeelen kunt!

Doch snoert de teedre keel de stroeve druk Yan Levens vingren, die hun prooi niet slaken En sluit de poort de wachter Ongeluk, — Dan, wanhoopszwart en rood van toorenblaken, Stormen de Woorden aan de poort rich stuk Yan zilte lippen, die naar tranen smaken.

Zóó spreekt Hélène Swarth (Najaarsstemmen, blz. 41), en, ofschoon op een andere wijze, heeft ook Zij, die nu reeds twintig jaren met steeds machtiger meesterschap werkt, het leed te lijden van vaak verkeerd gekend te zijn"1).

Is men in staat rich in Kloos' overprikkelden psychischen toestand te verplaatsen, dan kan men begrijpen dat hij in dezen tijd, toen de grond onder hem begon te wankelen, steun zocht bij een ander die hem zijn vriendschap schonk. Dit was P. L. Tideman, de reusachtige blonde kerel en geruchtmakende student, die in de kolommen van het Studenten-weekblad Propria cures zijn onstuimigen geest placht bot te vieren. Deze was een talent, maar geen genie. Hij kon een diepzinnigen toon aanslaan, duister orakelen, maar ook fel en beestachtig te keer gaan. Men weet het uit „Jan de Schenner, Het Boek der Verdommenis". Dat Kloos, dezen vriend *) dien men niet au sérieux nam, het secretariaat van de Nieuwe Gids tijdelijk heeft overgedragen, dit

1) Nieuwere Lit. 6. Dl. III, blz. 174, uit een artikel over Hélène Swarth.

2) In Sloterdijk woonde Kloos, met Boeken samen, in een groot buitenhuis (verkrijgbaar voor denzelfden prijs als in Amsterdam eenvoudige kamers) tegen-

Sluiten