Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Hoofdstuk VIII—KLOOS EN ZIJN OUDSTE VRIENDEN

ER moet een grond van waarheid lijn in het spreekwoord: noem mij uw vrienden en ik zal u zeggen wie ge zijt. Bij alle verschil in aard en aanleg is er iets gemeenschappelijks dat onderlinge waardeering en een blijvende hartelijke gezindheid mogelijk maakt. Daarom schijnt het mij niet ondienstig, een schets te geven van die vrienden aan wie Kloos zijn vertrouwen beeft geschonken. Ik beperk me daarbij tot de oudere generatie.

Al was er een klove ontstaan tusschen hem en Van der Goes, Verwey en Van Eeden, en al waren Van Looy en Van Deyssel weinig gesticht over de wijze waarop, met toestemming van Kloos, Tideman tijdens het conflict in de redactie op hun geestelijken eigendom beslag had gelegd, de beide laatsten bleven in hun hart voor Kloos voelen, het geschil raakte op den achtergrond en ten slotte bleken zij zijn trouwe vrienden. Er zijn er meer, die den man dien zij eens, in den opgang van zijn loopbaan, hadden leeren bewonderen, nimmer hebben verloochend. Die getrouwen van zijn jonge jaren lijn Maurits van der Valk, Aegidius Timmerman, Wülem Witsen, Hein Boeken, Jan Hof ker, Lodewijk van Deyssel, Jacobus van Looy, Frans Erens, Alphons Diepenbrock. Noemen we de oudste vrienden het eerst, dan moeten we beginnen met Van der Valk en Timmerman *).

Maurits W. van der Valk (geb. 1857), de meestér-schilder en etser, ook schrijver in De Nieuwe Gids over kunstgeschiedenis, was reeds als kleine jongen van de lagere school een speelmakkertje. Later, tijdens de Beweging van '80, hebben zij elkaar weergevonden en ze bleven

1) Uit den aard van de zaak is wat ik hier geef voor 't grootste gedeelte compilatie.

Sluiten