Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ordening der zinnen samenwerken tot een harmonie en een evenwicht, een kracht en een overzichtelijkheid, welke als iets natuurhjks en vanzelfsprekends aandoen, maar dikwijls niet zonder de sckerpste aandacht bereikt kunnen worden.

Emotie en bezinning dus zijn bet, die samen moeten gaan. De middelen waarvan de schrijver, ook de meest individuabstische, zich voor zijn doel bedient, zijn geen persoonlijke privileges. Ze zijn oeroud, en de natuurlijke uitvloeisels van de bestemming der taal: dat is, zich zoo duidelijk mogelijk uit te drukken. Grieksche en Romeinsche rhetorici hebben daarover reeds de grondigste en subtielste onderzoekingen ingesteld en o.a. allerlei eigenaardige constructies en syntactische figuren onderscheiden, welke zoowel in de levendige spreektaal als in de bteratuur telkens gebruikt worden. Het goed gebruik hiervan is één van de waarborgen voor een goeden stijl.

Eenige van deze vormen beeft Kloos bij voorkeur aangewend; ket zijn de samentrekking, de herhaling, de tegenstelling, het omgekeerde parallelisme, allemaal hulpmiddelen voor een grootere nadrukkebjkheid, een prettig aandoende rhythmische kracht. Het laatstgenoemde hulpmiddel, het omgekeerde parallelisme, mag typisch-Kloosiaansch heeten.

De Samentrekking.

Met lette op de treffende bondigheid in de volgende passage uit Jets over Brederoo:

„Zoo Brederoo de kennis en den smaak, de verfijning en de techniek van den Muider Drost bezeten, of door langer leven zich verworven had, we zouden in hem een evenknie van onzen grootsten lyrischen kunstenaar kebben kunnen begroeten, die aan minder schittering, meer gloed, aan zachtere muziek een grootere mate van innigheid had gepaard: hij zou het hart geroerd, als het oor gestreeld, en nooit tenminste zijn ziel verspild hebben aan het goudsmidstcerk, waarmede Hooft ons in zijn laatste periode meer tot bewondering, dan tot liefde, en meer tot verbazing dan tot bewonderen noopt" (I. 116).

Niet altijd ontstaat de kortheid door samentrekking. We treffen ze op grootere schaal in verreweg de meeste stukken aan, b.v. in kritieken op Mr. Joon Bohl en Hofdijk. Snel en zakebjk gaat het betoog voort; het is een voortdurend spijkers met koppen slaan.

De Herhaling.

Na ket aanwijzen van de gebreken bij Hofdijk spreekt Kloos over diens natuurbefde (I, 197); de herhaling van dan is hier opmerkehjk:

Sluiten