Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en instellingen zal kunnen uitgaan, doordat wij hooren en leeren van eikaars ervaringen.

Ik wil dit hoofdstuk niet besluiten alvorens te vermelden uit hoeveel en uit welke medewerkers, helpers en werkers de Werkplaats thans bestaat. Het zal u waarschijnlijk verbazen als gij hoort dat er nu (einde '34) 17 medewerkers en helpers op slechts 75 werkers zijn.

Die verhouding is natuurlijk niet goed. Ik bedoel: het is economisch onverdedigbaar dat zoo vele volwassenen bezig zijn met de opvoeding en het onderwijs van slechts zoo weinig kinderen. Wel is het heerlijk voor de kinderen zelf, want zij zitten zoo prettig rustig te werken, en kunnen op allerlei gebied hulp en voorlichting krijgen van bevoegde leerkrachten, en als zij les krijgen dan is het in klasjes van gemiddeld 8 leerlingen (vaak minder, soms wat meer). Maar als wij denken aan de duizenden kinderen bijvoorbeeld in onze groote steden, dan voelen wij dat een werkwijze als deze niet in het groot zou kunnen worden toegepast.

Dit is echter ook niet de bedoeling. Zooals reeds gezegd is, en later uitvoeriger zal worden uiteengezet is de bedoeling, dat eenmaal een tiental paviljoenen gelijkende op de Werkplaats zooals die thans functionneert samen een grooter geheel, een „Kindergemeenschap" vormen zal. Daar zullen dan ruw geschat een 500 kinderen met 50 medewerkers kunnen volstaan, zoodat dan de verhouding van het aantal leerlingen en leerkrachten meer worat zooals we die bij middelbare scholen meestal aantreffen. Over dit onderwerp kan echter nu niet worden uitgeweid.

Onder de medewerkers en helpers zijn er 6 met middelbare bevoegdheden (Fransch, Duitsch, biologie, ge-