Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

een duidelijk voorbeeld van de „controle van de gemeenschap op de enkeling" waarover ik boven sprak.

Zijn al de schoonmaakruimten behandeld, dan haalt ieder werker zijn naamkaartje en legt deze bij die verantwoordelijkheden die hij voor de komende maand op zich nemen wil.

Men merkt het: niemand wordt aangewezen, geen taak wordt opgelegd; het is alles zelf-gekozen werk. Een hoogst enkele keer komt 't wel eens voor, aat een kleintje iets te moeilijks op zich wil nemen en dan zegt al gauw een van de anderen „daar moet je nog wat mee wachten; dat is nog wat moeilijk voor je."

Als iedereen klaar is gaat men weer zitten en de algemeen-regelaar leest het resultaat op. Blijkt het dat er voor een bepaalde verantwoordelijkheid te veel animo was, dan nemen een of meer werkers hun kaartjes weg: „die doen dit werk dan wel eens een andere maand," en wellicht leggen ze dan hun kaartje neer bij een verantwoordelijkheid waarvoor nog niemand of nog geen voldoend aantal zich had opgegeven.

Vindt men iemand niet geschikt voor een verantwoordelijkheid waarvoor hij zich heeft aangeboden, dan wordt dit gezegd: „Nee, dat kan niet. Dat is te moeilijk voor hem" of „nee, de afwezigheidslijst moet zij niet nemen, want de vorige keer vergat zij 't telkens." In zoo'n geval als 't laatste zal haar dan echter bij een volgende keer allicht weer eens een gelegenheid gegeven worden om een betere reputatie te krijgen en zich te rehabiliteeren!

De werkverdeeling eischt op deze wijze weinig tijd: allen bespreken gelijktijdig hun werk voor de komende maand.

Na afloop teekent de algemeen-regelaar op, wie de verschillende verantwoordelijkheden op zich genomen heb-