Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Bij de onderverdeeling van elk der vakgroepen heb ik van af het begin elk vak een nummer gegeven dat als tiental-cijfer het nummer van de vakgroep heeft. Zoo is bijvoorbeeld het vaknummer voor Nederlandsche taal 23 en voor rekenen 41.

De zaak was nu zeer praktisch ingericht, want voortaan kon elk der vakdeelen afdoende, en tegelijkertijd op overzichtelijke wijze, worden aangeduid door een getal van 2 cijfers en een letter.

Zoo heet bijvoorbeeld vakdeel 23 m: „Spreekwoorden" en vakdeel 41 j: „metriek stelsel".

Alleen moet hier wel worden bij gezegd, dat soms aan het onderwérp dat aan een vakdeel zijn naam geeft nog een of meer kleinere zaken toegevoegd worden, die om praktische redenen in zoo'n vakdeel worden ondergebracht, ook zelfs al is er in enkele gevallen weinig of geen verband met genoemd onderwerp. Dit feit hangt samen -m?J'-het afleggen van „proeven" waarover hieronder meer.

Het is duidelijk, dat wij de mogelijkheid hadden gekregen 8 X 10 = 80 vakken te onderscheiden, en dus 80 X 26 = 2080 vakdeelen! Het spreekt echter van zelf, dat wij in de verste verte niet al die beschikbare mogelijkheden gebruikt hebben. Wij hebben er slechts 400 noodig gehad. Deze zijn als volgt verdeeld: