Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

als zij ouder zijn geworden. Daarom beginnen wij pas met de politieke geschiedenis na de eerste, ongeveer 1 5 levensjaren. Verder vinden wij het juist, de algemeene geschiedenis te doen voorafgaan aan de speciale behandeling van het eigen land. Want o.i. is het logisch, dat deze „vaderlandsche geschiedenis" volgt op de algemeene behandeling van de wereldgeschiedenis, om aldus zijn plaats te krijgen in het groote geheel.

Het behoeft wel geen betoog, dat vakken als sociologie (een uitermate belangrijk vak, dat echter, naar het mij toeschijnt, niet alleen in de universiteiten, maar ook op de scholen veel meer aandacht behoorde te krijgen, dan thans het geval is), staathuishoudkunde en staatsinrichting pas volgen kunnen als eerst eenig geschiedkundig inzicht is verkregen. Vandaar dat deze later komen in groep 6.

Blijft over groep 7, de wereld van de geest.

Hierover moet ik iets afzonderlijk zeggen, daar ik verwacht, dat velen — en terecht — de plaats van de geestelijke dingen als laatste in de rij niet juist zullen vinden. Ik wil hen dan echter wijzen op het feit, dat de kleur van groep 7 wit is. Dit wil n.1. uitdrukken, dat de vakken van groep 7 worden gevoeld als synthetische samenvoeging van de voorafgaande 6, daar wit licht al de kleuren van het spectrum bevat.

Inderdaad is deze groep gevoeld als synthese van al het voorafgaande, en als datgene wat er onafscheidelijk mee verbonden is. Tevens echter is het wel een onbetwistbaar feit, dat de bewuste studie van philosophie, psychologie, paedagogie, godsdienstwetenschappen pas voor bijna volwassen personen toegankelijk is, zoodat op grond hiervan de plaatsing van groep 7 m.i. zeer wel te verdedigen is. In ons leerplan is alleen vak 73 in de lijst opgenomen,

8 Kindergemeenschap.