Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Voor een verkleinwoord houden we een verkleinende lens voor het plaatje.

Tijdsbepaling: Hier zijn twee ronde openingen: links is het verleden, rechts de toekomst. Er tusschen is een lijn die het tegenwoordige voorstelt.

„Dag" wordt voorgesteld door een aardbol met 1 er naast.

„Week" door hetzelfde met 7.

„Jaar" is een zon met aarde die er omheen beweegt en een 1 er bij. Maand hetzelfde met 7,2 er bij enz.

Voor Zondag komt er 1 ° bij. Voor Maandag 2° enz.

Het spreekt van zelf dat ik hier niet verder kan gaan met de symbolen op te sommen die wij gebruiken. De gedachte zal nu wel duidelijk zijn.

Men zal zien, dat al die abstracte begrippen verbonden worden aan iets concreets, dat de kinderen hanteeren kunnen, en ook dat in de toestel al de dingen besloten liggen die zij weten moeten.

Als de kleine kinderen bij hun eerste onderwijs in de moedertaal aldus met de grammaticale begrippen en tevens met de taaltoestelsymbolen vertrouwd geworden zijn, kunnen zij bij het onderwijs in elke vreemde taal zonder te vertalen allerlei zinnetjes en zinnen oplezen die de docent hen wil laten zeggen. De moedertaal behoeft er niet bij gesproken te worden, zoodat de sfeer van de vreemde uitspraak niet gebroken behoeft te worden, doordat plotseling Hollandsche klanken en intonaties er in geworpen worden. Het is feitelijk een groote uitbreiding van de zoogenaamde „directe methode . De „language drill", het inoefenen van Fransche werkwoorden e.d., worden op deze wijze een prettige bezigheid.