Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de hardheid en de schoone schijn van hun omgeving — dat de mogelijkheid toch niet bestond „een nieuw begin te maken?"

Hoe daalt het als een balsem in het leven van een verontrust kind, dat door zijn schichtige, schuldbewuste blik verraadt dat hij aangeklaagd wordt door de rechtbank in eigen binnenste, als zijn moeder hem begrijpend en vergevend tot belijdenis brengt, en hem overtuigt dat hij opnieuw beginnen mag?

En dat is het wat Jezus voor ons van alle tijden gedaan heeft. Door steeds het accent te leggen op „m ij n Vader", „u w Vader", onze Vader in plaats van het oude buiten-ons-gestelde „d e Heer" en „Zijn wet", brengt hij, in het intieme tweegesprek met onze eigen hemelsche Moeder of Vader, ons evenzoo tot belijdenis, en overtuigt hij ons dat wij opnieuw beginnen mogen.

Zoo „bevrijdt" hij „zondaren" (dat zijn zij die zich zelf zondaren weten) ; niet van de hel na dit leven, waarin die menschen gelooven, die door hun gebrek aan psychologisch inzicht en aan zelfkennis, zelf steeds weer een hel bereiden voor anderen, als zoogenaamde straf voor wat zij misdaan hebben; maar van de hel van de angst en de wanhoop hier-en-nu. Van de angst, dat anderen zullen weten, dat zij zijn zooals zij zijn, en van de wanhoop aan de mogelijkheid van herstel.

Dit is het, meer nog dan alles wat ik vooraf noemde dat Jezus maakt tot degene die de menschheid leiden kan. Geen koninklijke of goddelijke geboorte, geen hemelsche openbaringen over het wezen der dingen, geen helderheid van philosophisch inzicht is in staat in de plaats te treden voor de zuiverheid en warmte van menschelijke ontferming en de volledige menschenkennis, die hem boven al het andere kenmerkt en hem bij uitstek voor