Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

gegeven hebbende, en alsdaan daarbij altoos present moet zijn.

Art. 33. Wanneer na dezen mogt worden goedgevonden aan de binnevader en binnemoeder derzelver dienst op te zeggen, zal hen vergund werden den tijd van drie maanden om zich van een andere gelegenheid te voorzien, gelijk ook aan de andere zijde de binnevader en moeder derzelver dienst zullen mogen quiteren, mits dat zij in dien gevalle den tijd van zes maanden te voren regenten zullen moeten adverteren.

Art. 34. De binnevader en binnemoeder zullen alle jaren drie maanden voor 't eindigen van ieder jaar van hun dienst te rekenen van den len September gehouden zijn ter vergadering van regenten te verzoeken om voor binnevader en binnemoeder te mogen continueren.

Art. 35. En zullen geene bediendens, 't zij van knegts, meiden, bakker of hoegenaamd in huis, veel min in haar dienst mogen nemen, dan op speciale goedvinding en toestemming van de regenten en regentessen, gelijk zij ook dezelve op bevel van de regenten uit hun dienst zullen moeten ontslaan, doch zullen den dienst niet vermogen op te zeggen dan alvorens de goedkeuring van regenten daarop verkregen te hebben.

Art. 36. De binnevader zal gehouden zijn op quitantiën van regenten te ontvangen alle zoodanige penningen als hem zullen worden opgegeven en dezelve behoorlijk aan regenten moeten verantwoorden en wijders moeten betalen alle rekeningen, waarvoor de penningen hem zullen worden ter hand gesteld en daar van de quitantiën op de eerste vergadering moeten overhandigen, zullende de fooijen welke bij de betaling werden gegeven, werden genoten, te weten:

bij de binnevader voor een derde en bij de domestieken te samen voor twee derde gedeelten.

Art. 37. De binnevader en binnemoeder zullen zooveel mogelijk bij de weekelijksche oeffeningen dit in het huis gehouden worden, moeten present zijn.

Art. 38. En voorts zullen in allen deelen onderhouden, en doen onderhouden, 't hier vorenstaande reglement en 't zelve observeren en doen observeren zonder in 't een of ander articul daarvan te mogen afgaan ten welken einde aan hem copie dezer zal werden ter hand gesteld om zich daar na te gedragen.

Art. 39. Regenten behouden aan zich de faculteit omme deeze instructie en reglement ten allen tijde te kunnen veranderen, vermeerderen of te verminderen, zoodanig zijlieden zulks raadzaam zullen oordeelen.

Aldus gearresteert te Rotterdam 16 September 1805 en doen teekenen door den binnevader en moeder.

get. PI ETER VAN BRINK, get. ANNTIE KIEVIES.

Sluiten