is toegevoegd aan uw favorieten.

Paulus als geestelijk hervormer

Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zich heeft te hoeden en waaraan men, ondanks de grootste waakzaamheid, nimmer ontkomt.

Paulus' denken betreffende Gods openbaring in de wereld blijft geheel in de lijn der profeten van Israël. Juist op dat punt, waar hij het allermeest „den Grieken een Griek" schijnt te zullen worden, is hij het verst van hen verwijderd. Hij schuift natuur-beschouwing en Godsbeschouwing niet ineen! Wanneer hij het heeft over kennis Gods uit de wereld, komt hij niet met een logische conclusie vanuit de „wetmatigheid" der „natuur" tot een of anderen geestelijken wereldgrond. Integendeel, met een logischen sprong, komt hij vanuit de scheppingsgedachte tot den Wilsgod der profeten, tot den God der geschiedenis!

Datgene aan God, waarmede de mensch als mensch, als deel van het geheel der schepping Gods, heeft te maken, is bij hem tenslotte niet een of andere aantoonbare wetmatigheid of redelijkheid in Gods wereldbestel, maar het is de ondoorgrondelijke realiteit achter de scheppingsmacht en achter het door God geknoopte net van oorzaken en gevolgen: het is Gods „eeuwige" activiteit als Wil. En die speurt men in den gang der historie, in het verloopen van wat de volkeren en hun heerschers beramen langs de sporen, die zij niet hebben gewild of zelfs opgemerkt, maar die gericht zijn op doeleinden, welke God heeft gesteld.

Paulus' wereldbeschouwing kent dus geen „wereldproces", maar de wereld als geheel — natuur èn geschiedenis — ziet hij als het gebied der historische activiteit van een goddelijken Wil.

Die Wil heeft de schepping en den mensch (als deel dier schepping) zóó ingericht, dat er voor den mensch in deze wereld iets te ontdekken valt aangaande Gods bedoelingen. Paulus heeft ook dat „openbaring" genoemd, maar daarvoor toch het Grieksche woord gekozen, dat „zichtbaar-maken" beduidt, niet het andere, dat hij voor eigenlijke openbaringen van Gods zijde bezigt.