Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Afb. 11. Sijtje Boes heeft op het eiland Marken vele keeren als „schoone kok" de functie van brulfteneugster vervuld.

hoek zeer populaire: „Honderd jaar na dezen." In Westfalen wordt van al de binnengekomen gelden nauwkeurig boek gehouden, wat daar heet „den Hochzeitsbrief schreiben."

Bij ons wordt meestal wat verstolen het geld den bruidegom in de hand gestopt, wat ook ik gedaan heb op 28 Mei 1929 toen ik brulfte vierde op 't Erve Kroos onder Zieuwent en de wijde omtrek daverde van het "steeds maar weer ingezette lied:

Onze bruugom Waolders, die mag 'r wezen. Onze bruud Waolders, die mag 'r zijn!

De Twentsche bruidsgiften en geldgaven wijzen op een algemeene deelneming aan een bruiloft, den hoogsten feesttijd van het leven, zooals ook „Hochzeit" (Hohe Zeit, hoogtijd) aanduidt. Zelfs de dooden worden hier en daar door den als ceremoniemeester fungeerenden brulfteneuger in het bruiloftsritueel betrokken en in Overijssel zoowel als Drenthe en Gelderland zijn het hennekleed en de huusholdplanken sombere stille getuigen van een innig in de bruiloftsviering verweven zijn van dooden-riten. In verschillende dorpen van Duitsch-Bohemen vordert de brulfteneuger bij het begin der eeredansen de afgestorven verwanten der beide families op, waarbij het aflezen der namen begeleid wordt door het bidden van een Onze Vader en het eerbiedig door alle gasten meeprevelen van Ave Maria.

Sluiten