Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

worden, daar de Staten van Holland het hout wilden verkoopen, om aan geld te komen. Gelukkig kon de Haagsche magistraat op 't laatste oogenblik deze ramp voorkomen.

Het was geen gemakkelijk vraagstuk voor Den Haag. Maar de bestuurders vonden toch een uitweg: ze deden afstand van eenige der groote klokken uit den Sint-Jacobstoren en de Prins liet daarvan kanonnen gieten.

Langzamerhand kwamen de vroegere bewoners terug en vestigde zich de regeering weer in Den Haag. Vóór den opstand had ze vergaderd boven de Kloosterpoort bij de Kloosterkerk en tijdens den opstand in Delft. Nu vestigde ze zich op het Binnenhof.

Er brak weer een betere tijd voor Den Haag aan!

IX. NOODLOTTIGE TWISTEN. (1608—1630).

Veertig jaren had de oorlog met Spanje al geduurd. Veertig jaren van bloedigen strijd hadden aan beide partijen schatten gelds gekost en duizenden menschenlevens opgeëischt.

Vooral in Spanje verlangde men sterk naar den vrede. In 1608 kwam zelfs van dien kant een voorstel tot onderhandeling.

Den isten Februari van dat jaar zou Spinola, de Spaansche onderhandelaar, in Den Haag aankomen. Een groote menigte Hagenaars had dien dag den warmen haard verlaten om naar Rijswijk te gaan. De menschen wilden getuige zijn van het niet alledaagsch tooneel, dat het anders zoo rustige dorp te zien zou geven.

De prinsen Maurits en Frederik- Hendrik, vergezeld van den Frieschen Stadhouder, graaf Willem Lodewijk, reden aan het hoofd van den stoet. Dan volgden vele veldheeren

Sluiten