Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

3. STUDIECOMMISSIES.

Behalve het verzamelen van gegevens is het, om voorlichting te kunnen geven, noodig die gegevens te bestudeeren. Er zullen zich bepaalde vraag* stukken voordoen, waarover een diepere studie noodzakelijk is, wanneer men het jeugdwerk werkelijk wil dienen.

Het N.J.I. stelt in zoo een geval een studiecom* missie in, die van het Dagelijksch Bestuur opdracht krijgt.

a. De eerste commissie is voortgekomen uit de conferentie voor deskundigen, die in September 1926 gehouden werd en tot onderwerp had: De Gemeenschapsdans.

Leden dier danscommissie waren:

De Dames: de Heeren:

W. Brom—Struick; A. de Koe, Voorzitter;

L. Tiggers; H. L. F. J. Deelen;

A. Sanson—Catz; Geert Dils;

H. van der Heide. Dr. L. Berger, Secretaris.

De opdracht, die het N.J.I. aan deze commissie gaf luidde:

I. Een Jeugdleidersconferentie voor te bereiden in het voorjaar van 1927 met als onderwerp: De Volksdans.

2. OudsNederlandsche gemeenschapsdansen ver* zamelen en deze in onderling overleg uitgeven. In 1927 verscheen als gevolg hiervan de bundel Oude Nederlandsche Volksdansen door A. de Koe en A. Sanson—Catz. Uitgave Stichting de Jeugd, Amsterdam, prijs ƒ 0.85.

b. De tweede commissie werd ingesteld na het

Sluiten