Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

hoe minder gevaar verhoogt het gevaar.

DE VOETGANGER

moet zooveel mogelijk op het trottoir blijven, want dat is zijn verkeersweg. Moet hij oversteken, dan moet hij eraan denken, dat elke rijweg „een onbewaakte overweg" is. Hij moet zich ervan bewust zijn, dat hij zich in een gevaars-zöne bevindt. Het beste is dus voor hem even te wachten tot er een redelijke kans voor hem is om veSlig het trottoir aan den anderen kant te bereiken. Eerst naar links, dan naar rechts kijkend, moet hij den rijweg loodrecht overgaan. De rechte lijn immers is de kortste en hoe korter hij in de gevaarlijke zöne vertoeft, hoe beter voor hem!

Voor de groepen van weggebruikers, die zich van een vervoermiddel bedienen, behoort bij de „verkeersroutine" ook, dat zij hun vervoermiddel beheerschen en het alleen dan gebruiken, wanneer het aan alle eischen voldoet.

DE WIELRIJDER

moet er voor zorgen, dat zijn remmen in orde zijn en dat zijn verlichting goed is afgesteld. Hij moet er vooral op letten, dat zijn reflector goed is aangebracht, d.i. verticaal daaraan moet hij vooral denken; dit is zijn eigen belang, omdat het gaat om eigen levensbehoud. Beter dan een reflector is nog het aanbrengen van een rood achterlichtje. Voorts denke hij er ook aan, dat het achterspatbord van een rijwiel, waarmede over een weg of een rijwielpad wordt gereden, wit moet zijn over een lengte van 30

Sluiten