Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

maken, dat zij ten slotte te bang worden op drukke verkeerspunten over te steken. De taak, een kind op te voeden tot een goeden weggebruiker, eischt veel geduld. Even nog hebt ge uw zoontje een standje gegeven en hem de gevaren van het verkeer voor oogen gehouden — en een kwartier later ziet ge hem met vijf andere kinderen argeloos op den rijweg loopen. De haren rijzen U te berge. Volharding is hier voornaamste plicht der opvoeders. Daarom, ouders, geduld en steeds geduld! Op zekeren dag zult gij de vruchten plukken, als Uw kind een goed weggebruiker geworden is. Dan is Uw geduld rijkelijk beloond.

BIJ SNELVERKEER — GEEN ALCOHOL.

Wie terwille van de verkeers-veiligheid bovenstaande leus aanheft, treft daarmee in tweeërlei opzicht een gevoelige plek.

In de eerste plaats, omdat het een persoonlijke kwestie is. Men heeft hierbij immers niet het oog op den wagen met al zijn onderdeden, maar — op den man achter het stuur. En nu kan men met eiken bestuurder heel goed critisch over den weg praten, en in de meeste gevallen ook nog wel over zijn wagen, doch als men begint over de eischen, die hij aan zichzelf heeft te stellen

„Bij snelverkeer — geen alcohol", — men treft er in de tweede plaats een teere plek mee, omdat die eisch veelal gevoeld wordt als een ingrijpen in iemands intieme levensgewoonten, als een beschuldiging van zwakte of gebrek aan plichtsgevoel. En in menig bestuurder komt bij het hooren van die woorden een gevoel op van:

Ze denken zeker, dat ik mijn maat niet weet te houden Ze

moetSen niet denken, dat ik niet tegen een borrel kan

Nu is het ongetwijfeld van veel belang, dat voldoende aandacht geschonken wordt aan den wagen, de verlichting, de verkeersregeling, de stuurinrichting, de remmen, de banden en wat dies meer zij. Het zou dwaasheid zijn, zulks te ontkennen. Maar wie zal óók ontkennen, dat het bij de veiligheid op den openbaren weg toch allereerst aankomt op den persoon, op zijn verantwoordelijkheidsgevoel, zijn voorzichtigheid, zijn zelf-critiek, zijn helderheid van geest ook, — zijn nuchterheid?

Sluiten