Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ten aanbidden. Voorzover men dan wel de mogelijkheid van een sceptische en critische levenshouding aan wil nemen, meent men dat die zuiver beschouwend en bespiegelend zou moeten zijn en dus voor het leven, de daad, de praktijk, geen betekenis zou kunnen hebben — een „ivoren toren”-curiositeit!

Dat de critische en sceptische, ondogmatische mens, tegehjkertijd echter actief zou kunnen zijn en zijn aanspraak op de macht zou willen doen gelden, dè.t was juist het nieuwe, dat men niet begrijpen kon. En dus bracht men Nietzsche maar weer onder in het hokje der irrationalistische levens-filosofie en -aanbidding. Een misverstand dat nog vergroot werd, doordat Nietzsche veel beter dan de beroeps-irrationahsten van zijn tijd (de theologen en de speculatieve filosofen) de omvang en de kracht van de irrationale momenten in de wereld, het leven en het mensehjk handelen heeft ingezien en in dit opzicht, tot aan de opkomst van de psycho-analyse, een unieke positie in de mensehjke cultuur innam.

De werkehjke vrijdenker, die tot de aanval overgaat, en die voor zich en zijn geestverwanten de heerschappij en de leiding opeist, is eerst in Nietzsche op het wereldtoneel verschenen, terwijl ongeveer tegehjkertijd ook de marxistische socialisten naar voren komen en in naam van hun sociahsme de macht opeisen voor een geïdealiseerde arbeidersklasse.

Ongetwijfeld hebben die socialisten véél op Nietzsche voor. Niet alleen hun getal en hun organisatie, maar een zekere inhoud, een zeker realisme, dat de realist Nietzsche, groot geworden temidden van professoren en kunstenaars, renteniers en nietsdoeners, volkomen ontbreekt. Zij, de socialisten, kennen de brood-kant van de wereld, die Nietzsche nimmer duidehjk voor ogen staat. De arbeid en de techniek, de productie en de distributie, de regeling van het dagehjks leven, dat zijn de zaken die zij, zoal niet beheersen, dan toch nimmer uit het oog verhezen. Wat zij echter missen, dat is het vermogen deze primair maatschappehjke realiteiten op dezelfde wijze te zien, waarop Nietzsche de culturele kwesties bekijkt: zonder sentimentahteit, zonder dogmatische dofheid, zonder zwaar-op-de-handse alles even ernstig nemende ernst; zij missen dat oordeel des onderscheids, waarin ook plaats is voor spot en shchtzmnigheid en twijfel aan de feilbaarheid van hun „wetenschap En bovendien, ze zien alles van uit het perspectief van de

Sluiten