Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zo competent mogelijk, moest zijn. En die kern moest zich vergroten door telkens nieuwe aanhangers te vinden, zorgvuldig uitgekozen, en stuk voor stuk tot leiding-geven bekwaam. Zo zou een „generale staf der revolutie” ontstaan.

Lenin, die zichzelf van de aanvang af, bewust of half-bewust, als de chef van die generale staf, als de opperbevelhebber van dat socialistische leger beschouwde, was ervan overtuigd, dat alleen de strengste selectie erin zou slagen het mensensoort bijeen te brengen dat de aanval op de oude en de bouw van de nieuwe maatschappij zou kunnen leiden. Hij moest vóór alles „harde” socialisten rondom zich hebben, mensen die goed beseffen, dat, gegeven bepaalde omstandigheden, hun energie en hun leiding de doorslag zou moeten geven, en dat men niet mocht vertrouwen op een mysterieuze „maatschappelijke ontwikkeling”, die wel voor alles zou zorgen. Zeker, hij verviel geen ogenblik in de dwaling, dat een groter of kleiner aantal energieke socialisten op ieder gegeven moment maar er op los behoefde te slaan om hun doel te bereiken. Neen, in normale rustige omstandigheden, vermocht een keurbende niets, doch als de heersers door oorlogen en crisis verzwakt waren, als de volksmassa haar respect voor de heersers verloren had, en door nood en ontbering en angst en verontwaardiging omgewoeld was, dan eerst waren de tijden rijp. Doch ook dan alleen op voorwaarde, dat er een partij was, met in haar midden een generale staf en in haar aanhang goede officieren en soldaten, die, ieder op hun eigen plaats, de toestand begrepen en de revolutionnaire oplossing zagen en wilden.

De algemene situatie kon men niet dwingen of scheppen, doch daarvoor zorgde de wereld waarin men leefde, een wereld, waarin de spanningen toenamen, naarmate het kapitalisme in zijn imperialistische phase kwam en de wereldoorlog reeds in de verte zichtbaar werd. Doch als zo de crisis kwam, dan kon men geen keurbende meer improviseren, en vooral, dan kon men geen „generale staf” meer vormen, want dat was een kwestie van vele jaren van studie en ervaring en staling. En dus moest men onmiddellijk hiermee beginnen, en van het centrum naar buiten werkend, een leiding, een staf, een keurbende, een partij en tenslotte een massabeweging scheppen, waarbij men natuurlijk naarmate men groeide, meer in staat zou zijn op de gebeurtenissen invloed uit te oefenen, doch ook meer verplicht werd, van de theorie naar de propaganda en van de propaganda naar de poli-

Sluiten