Geen zoekvraag opgegeven

Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

enz. enz., dat is nog voor geen zinnig mens een reden geweest dat ze dus aan Israël, Hellas, Italië, Spanje, etc. etc. onderworpen moet zijn; maar Kant of Goethe mag men, volgens de echte Duitse militairisten, alléén lezen, als men de heerschappij der Pruisen erkent, ofschoon noch Kant noch Goethe, noch zelfs Hegel uit de Pruisisch-militaire cultuur zijn voortgekomen.

Het Duitse nationalisme is een uitdrukking van het Duitse universalisme, en daarom zal het Europa ordenen. Wij willen het trotse bewustzijn hebben tot een sterk, geacht, en gevreesd volk te behoren, en dat is meer waard dan wetenschap en kunst. Het Westen, Engeland en Frankrijk, kan ons niet begrijpen, en het Oosten kan slechts een gedeelte van onze „Kultur” begrijpen. Wij, wij, wij echter zijn „Unendlich”. Zo leest men bij Moeller van den Bruck, die de beschaafdste der auteurs van het Duitse soldaten-nationalisme is.

Het heeft geen zin andere nationalistische verkondigers van dit soldaten-evangelie aan te halen. Er zijn immers boeken genoeg1) die grotendeels bestaan uit aanhalingen van deze verkondigers van het „Deutschtum”, of ze nu Fichte of Hegel, Lagarde of Houston Stewart Chamberlain, Gobineau, Ammon, Woltmann, Naumann, Rohrbach, Lamprecht, Breysig, Haeckel, Spann, Klages, Spengler, Fried, Rosenberg of Hitler heten. Het is altijd hetzelfde: wij, wij, wij zijn het Herrenvolk, het zout der aarde, het middelpunt der wereld, en het wordt tijd dat we ook politiek en economisch de positie innemen, die we geestelijk reeds bezitten, al willen afgunst en nijd soms niet erkennen, dat wij de grootste dichters, denkers, kunstenaars, schilders, architecten, onderzoekers, geleerden, technici, staatslieden, en — wat het zwaarst is moet het zwaarst wegen — militairen zijn.

Wij alleen kunnen de „Kultur” redden en over de wereld brengen, wij alleen kunnen de vemegering en verjoding tegengaan, wij alleen hebben scheppende begaafdheid, wij alleen hebben de echte „geest”, omdat wij het enige heersers-ras zijn.

Ziehier de eigenlijke kwaal van de Duitse maatschappij. Ik bedoel niet de rassen-theorie, die slechts een uitvloeisel ervan is, een materialisatie, een in tastbare en hanteerbare vormen gieten van

i) Voor wie dit onderwerp interesseert bevelen wij aan: F. W. Foerster, „Europa und die Deutsche Frage”; Max Hermant, „Idoles Allemandes”; H. Mankiewicz, „Le Nationalisme allemand”; C. Vermeil, „Les Doctrinaires de la Révolution Allemande”.

Sluiten