Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

verbonden, maar zuiver uitwendig tegenover elkaar zijn gesteld.

Dat in het productieproces, bijvoorbeeld in een schoenindustrie, de één kapitaal fourneert en de ander zijn arbeid geeft, en aldus beiden samenwerken tot dat eene product — daar is niets op tegen. Een innerlijke levende band van samenhoorigheid brengt deze menschen tezamen. Maar de doode zwaartekracht heeft juist deze menschen uit elkaar gescheurd. De arbeider in de schoenfabriek is niet meer één met zijn patroon, maar is één met den arbeider in de kolenmijnen, en met de arbeiders in de ijzer- en houtindustrie — met menschen dus, waarmee hij niets anders gemeen heeft dan dit uiterlijke kenmerk: dat zij allemaal niets bezitten.

Twee maatschappelijke groepen vinden we, die in het maatschappelijk leven tegenover elkaar staan als tegenpartijen. Ze zijn de dragers van twee aan elkaar tegenovergestelde belangen en als zoodanig schijnen ze gedoemd om eeuwig met elkaar te moeten strijden, niet omdat ze elkaar haten, niet omdat ze elkaar kwaad willen, maar omdat objectief hun belangen tegenover elkaar staan, tegenstrijdig zijn.

Op deze tegenstelling als fundament hebben zich allerlei organisatie's gevormd, uit den strijd geboren en door den strijd bijeengebracht. Groepen menschen, die zich aaneengesloten hebben om gezamenlijk te vechten op de arbeidsmarkt voor eigen belang. Dit doen ze zeer terecht; de omstandigheden dwingen hen. Maar zulke strijdorganisaties van groeps-egoïsme, zulk een georganiseerde klassenstrijd kan noodig zijn in de tijdsomstandigheden, is echter het tegendeel van een gemeenschapvormende kracht.

De Paus stelt vast: ,,dat er heden ten dage een arbeidsmarkt is — dat deze arbeidsmarkt het middelpunt vormt van het huidige sociale leven — en dat beide partijen

Sluiten