Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Doch Dargomyshky, de rijke zonderling, wiens levenseinde nadert, begrijpt hem. „Rien n'est beau que le vrai; le vrai seul est aimable" is de kernspreuk geworden van den leermeester aller mooie sopranen en soepele alten. Hij werkt aan „de Steenen Gast", den genialen voorlooper van al muzikaal realisme:

„Ondanks mijn deplorabelen gezondheidstoestand zing ik mijn zwanezang. Ik componeer ,,de Steenen Gast". Zonderling. Mijn nerveuze stemming roept de eene gedachte na de andere bij me wakker. Ik behoef me heelemaal niet in te spannen. In twee maanden heb ik zooveel geschreven, als waarvoor ik vroeger een heel jaar noodig gehad zou hebben. U denkt misschien, dat ik op m n ouden dag de een of andere onbenulligheid of flauwigheid neerschrijf. Heelemaal mis! Niet ik schrijf, maar de een of andere onbekende kracht in mij . . .. "

„De Steenen Gast" nadert zijn voltooiing. Er zijn veel nieuwsgierigen, die de opera willen hooren. En als zij haar hooren, verkeeren ze erover in twijfel, of het muziek of ... . stekeblindheid is."

Voor zijn dood heeft Dargomyshky zijn werk, — in intiemen kring, — nog hooren uitvoeren. Ondanks zijn ziekte, zong hij zelf de hoofdrol. En Moussorgsky zong de rollen van Don Carlos en Leporello.

Sluiten