Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

en geen enkel kwaad woord over zijn voorbije vreugden willen hooren. Overigens heeft U, mijn lieve profeet ( Stassow —), Darwin al het vorig jaar in de Engelsche uitgave gelezen. Dies bijt ik me op de tong — basta! Doch over dat, wat ik bij Darwin tusschen de regels gelezen heb, wil ik spreken. De kolos van de oevers van het eilandenrijk is zoo kolossaal, dat hij zich niet alleen in alle zeeën en rivieren weerspiegelt, maar hoogstwaarschijnlijk ook in de maan. Zoo is het niet zonderling of wonderbaarlijk, dat de kracht zijner gedachten ook tot mij, lilliputtertje, is doorgedrongen en mij voor altijd en eeuwig in mijn misschien toch heelemaal nog niet zoo lilliput-achtig streven gesterkt en gestaald heeft: is het niet de kleine David geweest, die den grooten Goliath geslagen heeft! Tegenover de naïeve opvattingen ten aanzien van de schoonheid en liefelijkheid der elegante contouren van naakte venussen, cupido's en faunen met fluiten of zonder fluiten, met vijgeblaren of „zooals God ze geschapen heeft", houd ik vol, dat de antipathieke (pardon! ik bedoel, antieke) kunst der Grieken grof is. Men wil de lilliputters doen gelooven, dat de klassieke, Italiaansche schilderkunst de volkomenheid zelf is. Naar mijn meening echter is ze een dood ding, weerzinwekkend, als de dood zelf. In de poëzie zijn er twee reuzen: de groote Homeros en de fijne Shakespeare. In de muziek zijn er eveneens twee reuzen: de denker, Beethoven,

6

Sluiten