Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

De componist van den Boris heeft vacantie en wil werken, maar kan niet. Die roode vlam in zijn hart, die roode muziek in zijn hoofd beletten hem te denken. Zij weet het, — Sonja, — dat hij van haar houdt. En ze is heel vriendelijk voor hem en kent al zijn liederen. Soms danst ze op de muziek van twee violen, een balalaika en twee harmonica's. Dan wordt de gelagkamer een zee van vlammen. En Modeste zit gereed om zich er in te werpen en zichzelf voor altijd te verliezen.

De ruwe vloer deint zachtjes meê en het stof zweeft, als een gouden nevel, door het licht.

Allen zwijgen. Alleen de dansmuziek spreekt.

En dan begint ze te zingen, wat Moussorgsky alleen voor haar schijnt te hebben getoonzet:

,,Heh! Hei! Hop! Hela! Ho!

Trouwen gaat zoo. Heusch, gaat zoo.

Maar manlief is oud en onder de maat En voor mij is hij geen kameraad.

Mijn smaak is anders. Mijn smaak is zoo!

Hela! Ho!

Verdriet bezorgt ons vaak een kater.

Oudje, schat, drink jij maar water.

Ik loop wel de herberg in.

Heidaar, waard! Schenk mij eens in.

De eerste slok, die lescht m'n dorst.

Sluiten