Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

alle tijdrekening om!) — Moussorgsky was dikwijls onze gast in ons landhuisje te Samanilowka. We raakten er heelemaal aan gewend, dat hij aan alle kleine gebeurtenissen van ons dagelijksch leven deelnam. Hij keek toe, hoe onze kleine, tweejarige broer op het erf in de badkuip gebaad werd, waarbij het broertje jammerlijk huilde, spiernaakt over het zand de wijk nam en eerst door de belofte, aardbeien te zullen krijgen, weêr in de kuip te lokken was. Moussorgsky speelde ons vaak zulke tooneelen, om zoo te zeggen met verdeelde rollen, alleen voor en plaagde het broertje, dat steeds „aaldbeilen" hebben wilde...."

In het kind, in het spelen, bidden en babbelen van het kind ontdekte Moussorgsky de liefelijkste werkelijkheid.

Zijn liederencyclus, ,,de Kinderkamer", bevat de echo's uit den kleinen en eenigen hemel, waarin hij ooit volkomen gelukkig geweest is.

Gelukkig, — hij was het ook in de huiskamer van broer en zus Opotschinina, wier gast hij geruimen tijd was, maar „der Engel des Todes regte die Fittiche". Nadeshda stierf, zooals de kleine Maria stierf, zooals zijn moeder stierf, zooals allen stierven, die hem jong en gelukkig maakten door hun geloof in hem, hun vertrouwen, hun liefde.

En altijd weêr is Modeste alleen.

Sluiten