Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Vrienden vervreemden. Kinderen worden groot. En wat de tijd niet vermag, doet de dood.

Over het graf heen spreekt hij nog één keer met Nadeshda, zijn vriendin, over zijn vijand, den boozen dood :

„De wreede dood heeft, zooals een buitbeluste gier zijn klauwen diep in het harte slaat, ook jou weg geroofd! O, als ze toch je ziel gekend hadden, de velen, die zich verbazen over mijn smart! Als ze je ooit beluisterd hadden, als we met elkaar praatten, ik zou den menschen beschrijven, hoe je was, je mild gemoed, door waarheidsliefde verhelderd, je vorschend oog, dat steeds zoo helder de wereld doorzag. Xe rechter tijd heb je gebroken met sleur en valsch vermaak en een ander, beter leven, als goed en levenswaard, erkend.

Toen na den dood mijner lieve moeder de slagen van een wreed noodlot mij verdreven van den huiselijken haard en een vreemde wereld binnenstieten; toen ik, moê, uitgeput en geslagen, als een beangst kind, aanklopte aan je heil'ge ziel en om redding en uitkomst smeekte —

Neen, ik kan niet verder schrijven —

Zooals het ook jou niet vergund was, je leven voort te zetten en in liefde en goedheid te vervullen, zoo blijve ook dit schriftuur onvoltooid en verstomme mijn lied zonder slot-accoord! —"

Sluiten