Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

zonder ooit, wat men noemt, beproefd en aan den tand te zijn gevoeld. Ik heb Arsenij duchtig de huid vol gescholden en hem, opgemelden Arsenius, duizend grofheden in het oor gefluisterd. Kome, wat komt, maar liegen kan ik niet. Hij wilde, dat ik met hem

meeging naar zijn verloofde (ik ken haar) maar

ik zal er niet naar toe gaan; anders zou ik comedie moeten spelen. Ik wil niet, dat hij doet, wat hij doet — en ik ga niet meê: uit! Schluss! Hij zegt, dat hij haar lief heeft gekregen. — Het kan me niet schelen, maar ik ga er niet heen. Ik wil niet. Zulke dingen zijn mij een aansporing om met nog grooter ijver aan het werk te gaan! En als ik heelemaal alleen moet blijven, welnu, dan blijf ik maar alleen! Ik zal toch ook alleen moeten sterven ... Ik heb medelijden, generalissime, met Arsenij."

En Graaf Arsenius trouwde.

Moussorgsky bleef alleen en begon, naast de „Chowanschtschina", aan een nieuwe, vroolijker opera ,,de Jaarmarkt van Sorötschinzy."

Sluiten