Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Gert zweeg even.

De jongens zaten met grote angstogen zijn verhaal aan te horen. Ko glimlachte zuurzoet, maar hij was doodsbang. Henk had zich voorover gebogen en keek Gert de woorden uit de mond.

„Het spook,” ging Gert zachter voort, „het spook strekte de hand naar de gravin uit en riep met een sombere stem....” De spookstem kon niet somberder geweest zijn dan die van Gert op dit ogenblik, maar bij de volgende woorden sloeg hij allebei zijn armen plots in de lucht, boog zich naar Henk over en bulderde hem toe:

„Dat heb jij gedaan!”

„O!-.. • o.. • • Gert!” klonk het.

„Lammerd!” zei Dries. Maar ’t ergst was die arme Henk geschrokken, onwillekeurig was hij van zijn zitplaats gesprongen, maar hij kon zijn evenwicht niet bewaren en met een gil viel hij voorover.... in de put. • • •

Nu was de beurt om te schrikken aan Gert.

„O, Henk!” riep hij. Maar Henk bleef liggen, schreeuwend en gillend, op de bodem van takken en blaren, en de jongens, die eerst, na ’t bekomen van de schrik, even hadden willen lachen, stonden nu wezenloos te staren naar den armen jongen, die een paar meter beneden hen lag te schreeuwen.

„0, Henk, Henk,” huilde bijna Gert, „heb je je bezeerd?”

„O, mijn been, mijn been!” klaagde Henk, „o, helpen jullie toch!”

„Dat heb je nou van je spokerij!” bitste Ko.

„Ja, — zie je nou?” — zei Adriaan.

„Help toch ’s, help toch ’s - •..

„Ja, konnen we maar-...”

Plots ging Pim op zijn buik over de putrand liggen, met zijn benen boven de put.... „Houën jullie mijn handen vast!” zei hij. „Dries en Niek!”

Dries en Niek pakten elk een hand. „Nou zakken!” beval Pim. En toen liet hij zich vallen, een meter of anderhalf. De put was ruim genoeg, je kon er wel met je zessen in staan.

Sluiten