Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

de velden. De eendenkooi steekt wel weer twee voet boven ’t water uit en de elf jongen dartelen weer alle vrolijk en gezond in ’t ronde.

„Eén, twee, drie,” telt Hanna Smit er weer, Goddank! Maar het gebed van Bart is verhoord: niet zijn zoon, maar hij is gestorven, blijmoedig en met een gerust geweten. De aandoening van lichaam en ziel was zelfs den forsen man te sterk geweest.

Jantje, die weer geheel hersteld is, gaat nog wel eens naar Loenen. Naar den sergeant met de grote zwarte baard?

Ja, onder paaltje No. 124 op ’t kerkhof ligt hij begraven; bij Breukelen was hij gevallen met ’t vaandel in de hand. Hoe t mogelijk is, begrijpt Jantje nu beter.

En onder No. 125 ligt vader — Bart Smit.

A. A. Beekman.

Uit: Schetsen en Novellen.

Overgenomen met toestemming van den uitgever D. Bolle te Rotterdam.

SPREUK.

Sterk worde uw geest, teer blijve uw hart;

En zoo gul als uw lach is, zoo stil zij uw smart.

M. Coens.

Sluiten