Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kost! dat was ook de moeite waard en toen ’s avonds Bet

van een boodschap terug kwam, vond ze haar man zonder snor!

„Allemachtig! Jan, wat heb je nu gedaan!” viel ze uit.

„Mijn snor afgeschoren,” zei hij flauwtjes lachend.

„Maar kerel, je bent niet wijs. Je lijkt de blikke dominee wel. Waarom heb je dat verzonnen?”

„Dat zul je wel zien. Wacht maar!” zei hij, „en nu ga ik naar bed.”

Hij zei niets meer op de verdere uitroepen van verwondering, die zijn vrouw nog ten beste gaf, en ging slapen. Dat probeerde hij tenminste, maar ’t gelukte hem niet dadelijk, want de uitwerking van zijn plan speelde hem geducht door ’t hoofd.

De volgende morgen zei zijn vrouw:

„Zeg Jan! Gisteren hadden we het er zo over, dat een herenknecht geen snor had. Je denkt toch niet, dat ze jou ergens zullen nemen?”

„Kun je nooit weten. Je zult er wel van horen!” zei Jan, die er zich niet verder over uitliet. Hij rolde het bonte jasje, zonder dat zijn vrouw het zag, in een krant en nam het stilletjes mee naar de brug. t Spreekt van zelf, dat hij die morgen over ’t gemis van zijn snor heel wat horen moest.

„Kwam er de mot in, Kikkie?” vroeg de een.

„Ben je er misschien lijkdienaar bij geworden?” vroeg een ander.

„Zeker aan een schoenmaker verkocht, om er pikdraad van te maken, zei een derde.

Kikkie liet ze praten en dacht: „Als ze mij over een paar dagen ginds m die grote deur zien staan, zullen ze zo veel niet te vertellen hebben.

Om tien uur ging hij naar de tuindeur van mijnheer Salm. Toen moest hij natuurlijk nog eens door ’t vuur. Wat lachten die meisjes! De een zei dit, de ander dat, maar de keukenmeid stal zijn hart, want die zei: „Je lijkt Jan wel, met je uitgestreken facie; als. je niet zo mirakel mager was!”

Hij dacht: „O zo! Er zullen wel magere huisknechts ook wezen. Ik heb er dus al een beetje van weg!”

Sluiten