Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

Op het pakje waar zijn jasje in zat, hadden ze niet eens gelet. Dat stopte hij op een veilig plaatsje, waar hij het zo maar voor ’t grijpen had.

Hij deed zijn gewone bezigheden. Mina lette op de schel, maar, zoals gewoonlijk, nadat ze enige keren open gedaan had, ontging het haar, dat er gescheld werd. Daar had Kikkie op gerekend. Hij was bezig bij de achterdeur, die open stond, met het schuren van koperen traproeden.

Hij hield op. Hij wachtte even. Had Mina het niet gehoord? Neen, zeker niet! Nog even gewacht! Hij haalde het pakje voor de dag en met bevende hand maakte hij het open. Hij hoorde de keukenmeid werken; ’t leek wel, of ze aan ’t eieren klutsen was; ze

had niets gehoord Weer werd er gescheld Hij klopte niet

aan t keukenraam, maar als de wind trok hij het bonte jasje over zijn boezeroen aan. Hij smeet zijn pet op de grond, liep vlug de

gang door naar de voordeur, en maakte die open. ’t Was een

heer, een broer van mijnheer Salm, die daar dikwijls aan huis kwam.

Kikkie maakte een buiging, zo goed als hij kon, en zei: „Goeie morgen, mijnheer.” Toen ging hij half achter de deur staan.

„Dag Jan! Weer beter?” zei de heer Salm, die zonder opkijken naar binnen kwam en dadelijk een paar stappen naar voren deed, zodat hij eigenlijk niets zag dan zo half en half het gekleurde jasje.

„Verekskuzeer, mijnheer!” zei Kikkie, „ik ben Jan wel, ziet u, maar de andere is nog steeds in de lapmand.”

De heer keek om en zag met verbazing een mannetje met een rood gezicht in een jasje, dat hem veel te wijd was, met een oude broek aan en een paar schoenen zo plomp als hij nog nooit bij zijn broer in de gang gezien had.

„Oh!.... Zo !” zei hij en meteen liep hij door naar de kamer van zijn broer, zoals hij gewoon was.

Kikkie trok zijn jasje uit en ging weer aan zijn traproetjes. t Was hem wel bevallen, die eerste keer. En als hij niets gezegd had, zou mijnheers broer, dien hij van gezicht wel kende, niet eens bemerkt hebben, dat de gewone Jan niet open deed. Zo’n jasje deed toch wonderen! Hij wist ook zeker, dat hij hem netjes toegesproken

Sluiten