Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kaj grandaj arboj. En la urbo estas gardeno. La birdoj flugas en la gardenoj kaj kantas sur la arboj. La vetero estas bela kaj varma. La cevalo estas sur la kampo. La kato kaj la hundo kuras en la gardeno. La vetero ne estas varma hodiaü. La knabo ne legas, sed li skribas. Mi venas de la avo kaj mi kuras al la frato. Li estas en la gardeno. Vi ne estas granda, sed vi estas malgranda. Tiu ci hundo estas granda. Tiu homo estas felica. Kiu estas felica? Kiu kuras en la gardeno? Kiu infano ludas kontente? Kio estas sur la sablo? Kia estas la vetero? Cu la infano ludas kaj kuras? Cu la familio estas granda?

Vertaal in Esperanto:

In de stad zijn groote tuinen. In den tuin van de stad groeien mooie bloemen en vliegen vroolijke vogels. Het kind speelt met den hond en de kat. De grootouders zijn gelukkig en tevreden. De kleinkinderen zijn nog jong. De lieve ooms en tantes. De verloofden zijn op het veld. De jongens en meisjes zijn niet droevig, maar zij zijn vroolijk. De dienstbode is niet gelukkig. De hond is een vriend van den mensch. De kat is niet groot, maar klein. De paarden en de koeien loopen in het veld. De vogel vliegt. De haan kan ook vliegen *) maar niet zingen. Schoone bloemen en boomen groeien in den stadstuin. Het dorp is niet groot, maar mooi. Het weder is heden koud en slecht. Is de moeder jong en schoon? Is het weder heden niet slecht? Zijn de kinderen van de buurvrouw lief? Is zij alleen in den tuin? Zingen wij mooi? Deze kat en die hond zijn van de buurvrouw. Wie is tevreden? Welke jongen speelt in den tuin? Wat is schoon? Hoe zingt de vogel?

DERDE LES.

De werkwoorden drukken meestal een handeling of een toestand uit: loopen, springen, slapen, liggen.

Het zinsdeel, waarin het werkwoord voorkomt, heet het gezegde:

*) Evenals in het Nederlandsch in hij kan vliegen, hij uril schrijven de tijdsvorm in slechts één werkwoord wordt uitgedrukt, gebeurt dit ook in het Esperanto, dus li povas flugi, li volas skribi.

Sluiten