Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

kontraüe — daarentegen,

kvankam = alhoewel, ofschoon,

kvazaü of kiel se = alsof.

£u ... cu = hetzij (dat) .... hetzij (dat)

kiam = toen.

tuj kiam =: zoodra.

post kiam = nadat.

laü tio se = volgens dat, naar gelang.

antaü ol = vooraleer, alvorens, vóórdat.

anstataü = inplaats van.

se ne ke = tenzij.

esceptinte ke = behalve dat.

malgraü ke = ondanks, niettegenstaande.

tarnen = nochtans, evenwel, toch.

sed = maar, echter.

De voegwoorden worden gevolgd:

a. door de aantoonende wijs (as, is, os), wanneer de werking als zeker wordt voorgesteld, bijv.:

Kvankam li estas malsana = Ofschoon hij ziek is.

b. door de voorwaardelijke wijs (us), wanneer de werking als verondersteld of voorwaardelijk opgegeven wordt, bijv.:

Se vi estus malsana, mi irus al vi = Indien gij ziek waart, zou ik naar u toegaan.

c. door de aanvoegende wijs (die den vorm heeft van de gebiedende wijs), wanneer de werking als doel voorgesteld wordt, bijv.:

Ordonu, ke li venu = Gebied, dat hij kome.

Estas necese, ke li iru = Het is noodig, dat hij ga.

In het Nederlandsch wordt de aanvoegende wijs zelden meer gebruikt, doch is vervangen door de aantoonende wijs:

Beveel hem, dat hij komt (of: moet komen).

Ik wensch, dat gij dat doet.

Hij is waard, dat men hem beloont.

In Esperanto moet men in deze zinnen de aanvoegende wijs (uitgang u) gebruiken:

Mi deziras, ke vi venu.

Mi esperas, ke morgaü estu bela vetero.

Li meritas, ke vi rekompencu lin.

Sluiten