Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

8. STIKSTOF (N = 14).

1. Hoe bereidt men zuivere stikstof?

2. Onder welke omstandigheden verbindt zich stikstof met zuurstof? Welk oxyde ontstaat allereerst? Vermeld de overige oxyden van stikstof met hun eigenschappen.

3. Men beschikt over': gebluste kalk, ammoniumsulfaat en salpeterzuur. Beschrijf hoe men hieruit kan maken stikstof oxydule (lachgas).

4. Bewijs de formule van stifstofoxydule en ook die van ammoniak.

5. Op welke wijze wordt de volumeverhouding en op welke wijze de gewichtsverhouding van stikstof en zuurstof in de lucht bepaald?

6. Hoe worden de oxyden van stikstof gemaakt, waarbij de verhouding tussen het aantal atomen N en het aantal atomen O is als 2 :1, als 1:1, en als 1:2? Welke zijn haar voornaamste eigenschappen ?

7. Hoeveel weegt 1 liter lachgas?

8. Hoe kan men stikstof omzetten in salpeterzuur? (geen technische bijzonderheden).

9. Hoe bereidt men in het laboratorium salpeterzuur? Hoe kan men uit salpeterzuur bereiden: a. N20, b. NO, c. N02> d. N204?

/ 10. Wat is het verschil tussen de inwerking van sterk en van verdund salpeterzuur op koper?

/ 11. Hoe kan men stikstof bereiden uit ammoniak en omgekeerd ?

12. Wat is het verschil tussen de inwerking van sterk salpeterzuur a. op koper en op arsenicum, b. op koper en op tin?

13. Hoe gedragen zich nitraten bij verhitting?

14. Hoe toont men aan, dat ammoniumnitraat een nitraat is, en hoe dat het een ammoniumzout is? Verklaar de uit te voeren reacties met behulp van vergelijkingen.

Sluiten