Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

op zink, natriumhydroxyde, calciumorthofosfaat en bruinsteen ?

21. Gevraagd wordt een bereiding van gele (witte) fosforus: Hoe verkrijgt men rode fosforus uit gele? Welke twee stoffen kunnen bij inwerking van chloor op fosforus ontstaan? Geef de vergelijkingen voor de werkingen van die beide stoffen op water.

22. 1 gram fosfor geeft 2.2903 gram fosforzuuranhydride. Is dit voldoende om het atoomgewicht van het element te kunnen bepalen? Zo niet, welke andere data zijn daarvoor dan nodig?

23. Wat is het essentiële verschil tussen de omzetting van witte (gele) fosfor in rode en die van rhombische in monokline zwavel? Door welke benamingen onderscheidt men deze verschijnselen?

24. Bij de bereiding van fosfor uit fosforiet ontstaat eerst de metastabiele witte fosfor, die langzamerhand overgaat in de rode. Volgens welke regel is dit?

25. 3 gram fosfor opgelost in 75 gram zwavelkoolstof vertoont een kookpuntsverhoging van 3,058°.

Wat is de moleculairformule van de fosfor in oplossing, wanneer de moleculaire kookpuntsverhoging van zwavelkoolstof is 23.7°?

26. Hoe groot is de dampdichtheid van fosforpentachloride bij een temperatuur, waarbij de dis’sociatiegraad 0.24 is?

27. Welke chemische verandering heeft er plaats in de damp van fosforpentachloride, als men deze verhit in een vat, afgesloten door een bewegelijke zuiger en men de temperatuur daarna constant (b.v. op 250°) houdt? Aan welke fysische grootheid is na te gaan in welke mate de bedoelde verandering heeft plaats gehad? Zeg nauwkeurig wat het betekent, dat men als resultaat van een proef heeft gevonden: o. dat bij 250° en 1 atm. de waarde der evenwichtsconstante 1/24 is; b. dat de dampdichtheid ten opzichte van waterstof dan 57.6 is;

Sluiten