Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

HET ZWEMONDERWIJS

op deze wijze het gemakkelijkste de steun gevonden wordt, waardoor de beenen aan de oppervlakte van het water zijn te houden.

Hierop volgt de diepe inademing, het brengen van het hoofd in het verlengde van den romp en tenslotte het intrekken der armen als in figuur io aangegeven. Hierdoor is een soortgelijke drijfhouding verkregen als bij oefening, waarbij een diepe knie¬

buiging werd gemaakt. Deze laatste oefening gaat van zelf sprekend aan den afzet van den zijwand vooraf.

Zoodra de leerlingen den afzet van den zijwand goed kunnen uitvoeren en een flink eind uitdrijven kan met de arm- en beenbeweging begonnen worden.

Allereerst de beenbeweging.

In water van kniediepte wordt de beenbeweging in staande houding uitgevoerd. De bedoeling van deze oefening is de weerstand van het water door de uittrap-sluit-beweging te laten aanvoelen. Ondervinden de leerlingen bij de uitvoering van deze oefening moeilijkheden bij het bewaren van het evenwicht, dan is dat een bewijs, dat oefening goed wordt uitgevoerd en van een groote water-verplaatsing sprake is.

Later wordt deze oefening in dieper water uitgevoerd, waardoor de leerlingen aanvoelen, dat bij het intrekken der beenen weerstand van het water ondervonden wordt en deze weerstand tot een minimum te beperken is. door het intrekken langzaam uit te voeren.

De oefening wordt zoowel met het linker als rechter been afzonderlijk uitgevoerd. De onderwijzer zorge er voor, dat al is het eerste deel der beweging (het intrekken) rustig en het tweede deel (de uittrap-sluitbeweging) krachtig de geheele beweging toch als één geheel wordt uitgevoerd.

Deze oefening wordt in precies de zelfde volgorde in ligsteun herhaald, dus ook nu weer eerst been voor been. Het gemakkelijkste wordt de ligsteun aangenomen door de vingers naar ach-

Sluiten