Tekst
Onderstaande tekst is niet 100% betrouwbaar

ZWEMINRICHTINGEN EN WEDSTRIJDEN

Afb. 48. Individueel onderricht.

het voorbeeld meer tot de leerlingen spreekt en veel duidelijker is dan mondelinge explicaties. Vooral bij het natuurlijk zwemonderwijs is het noodzakelijk, dat de zwemonderwijzer te water gaat en het voorbeeld geeft, omdat bij deze wijze van zwemonderricht het opwekken van het zelfvertrouwen hoofdzaak is en zoowel bij de jeugd als bij ouderen dat zelfvertrouwen het beste opgewekt kan worden door het duidelijke en rustige voorbeeld van den onderwijzer.

Vanzelfsprekend is het niet mogelijk, dat de

zwemonderwijzer den geheelen dag te water ligt en zal hij veel onderricht vanaf het perron moeten geven. Hij zal echter zijn dagtaak zoo moeten indeelen, dat hij, wanneer het vertrouwenwekkende voorbeeld bij het onderwijs niet gemist kan worden, te water kan gaan. Bij het klassikale zwemonderwijs zal het steeds noodig zijn, dat de zwemonderwijzer mede te water gaat.

Intusschen zal de zwemonderwijzer, zij het dan ook minder regelmatig als bij het eerste zwemonderwijs, het voorbeeld moeten kunnen geven aan hen, die de proef „geoefend zwemmer” hebben afgelegd en verder willen oefenen om wat meer te kunnen presteeren dan anderen. Aan de practische bedrevenheid van den zwemonderwijzer zullen daarom hooge eischen gesteld mogen worden en zal hij in ieder geval meerdere zwemslagen moeten kunnen demonstreeren. Ook zal hij practisch vertrouwd moeten zijn met het balgooien en eenvoudige worpen kunnen demonstreeren; een duik, een eenvoudige sprong van de driemeter plank en

Sluiten